Een klimaatinstallatie was vroeger relatief overzichtelijk. Een gebouw moest verwarmd worden, gekoeld worden en voldoende verse lucht krijgen. Je maakte een berekening, koos een installatie en ging aan de slag.
Maar die tijd ligt achter ons.
Een klimaatinstallatie staat tegenwoordig niet meer op zichzelf. Warmtepompen, zonnepanelen, batterijen, energiemanagement, netcongestie, gebouwbeheersystemen, koudemiddelen en steeds strengere eisen grijpen allemaal in elkaar.
In deze podcast ga ik in gesprek met Raymond Nijhuis, business developer en al ruim 30 jaar actief in de klimaattechniek. We kennen elkaar al sinds 2003 en juist daarom is het interessant om terug én vooruit te kijken.
Want wat is er in ruim twintig jaar veranderd?
Van klimaatinstallatie naar intelligent energiesysteem
Ruim twintig jaar geleden waren warmtepompsystemen nog iets waarmee je moest pionieren. Inmiddels is de warmtepomp niet meer weg te denken uit de verduurzaming van gebouwen.
Maar tegelijkertijd is de uitdaging veel groter geworden.
Het gaat niet meer alleen om de vraag:
Hoe krijgen we dit gebouw warm of koel?
We moeten ook nadenken over:
- hoeveel elektrisch vermogen beschikbaar is;
- hoe we omgaan met netcongestie;
- wanneer energie wordt opgewekt en verbruikt;
- hoe installaties met elkaar communiceren;
- welk koudemiddel toekomstbestendig is;
- hoe we het werkelijke energieverbruik monitoren;
- en hoe we installaties gedurende hun levensduur optimaal laten functioneren.
De klimaatinstallatie wordt daarmee onderdeel van een veel groter energiesysteem.
Netcongestie vraagt om slimmer ontwerpen
Een mooi voorbeeld uit de podcast is een gezondheidscentrum waarbij slechts een beperkte elektriciteitsaansluiting beschikbaar was.
Je kunt dan wachten op een zwaardere aansluiting. Maar als dat enkele jaren duurt, kun je ook kijken naar wat er binnen de bestaande aansluiting mogelijk is.
Door klimaatinstallaties, zonnepanelen en een energiemanagementsysteem slim te combineren, kan continu worden gemeten én gestuurd. Zo kan het gebouw binnen het beschikbare gecontracteerde vermogen blijven.
Dat is wat mij betreft precies waar we naartoe moeten.
Niet automatisch méér vermogen vragen, maar eerst onderzoeken hoe we het beschikbare vermogen slimmer kunnen benutten.
Meten is weten. Maar dan moet je wel iets met die data doen
Energiemonitoring loopt als een rode draad door ons gesprek.
We hebben jarenlang gebouwen ontworpen op basis van theoretische berekeningen. Maar uiteindelijk telt wat een gebouw in de praktijk werkelijk verbruikt.
Daarvoor heb je data nodig.
En niet alleen een totaalverbruik uit de slimme meter. Juist door installaties en componenten afzonderlijk te monitoren, zie je waar energie wordt gebruikt, waar afwijkingen ontstaan en waar installaties niet functioneren zoals bedoeld.
Met cloudmonitoring en gebouwbeheersystemen kunnen bovendien storingen of afwijkingen vroeg worden gesignaleerd. Soms zelfs voordat de gebruiker merkt dat er iets aan de hand is.
Dat kan onnodige ritten van servicemonteurs voorkomen en maakt onderhoud veel gerichter.
Maar data verzamelen alleen is niet genoeg.
De echte waarde ontstaat wanneer je die data analyseert en gebruikt om de installatie beter te laten functioneren.
Een goede installatie kan door slechte regeling alsnog slecht presteren
Dat is misschien wel één van de belangrijkste onderwerpen uit ons gesprek.
Je kunt technisch een prachtige installatie ontwerpen en installeren. Maar wanneer de regeltechniek niet aansluit bij de manier waarop het gebouw moet functioneren, gaat het alsnog mis.
Ik kom in bestaande gebouwen regelmatig bijzondere situaties tegen.
Een installatie die midden in de zomer nog staat te verwarmen. Vloerverwarming die iedere avond volledig wordt uitgeschakeld en ’s morgens opnieuw moet opstarten. Of systemen die technisch blijven draaien, maar ondertussen niet zorgen voor het gewenste comfort of energiegebruik.
Daarom is een goede regelstrategie zo belangrijk.
Niet alleen beschrijven wat er geïnstalleerd moet worden, maar ook vastleggen hoe alle onderdelen samen moeten functioneren.
De programmeur, installateur, leverancier, adviseur én gebruiker moeten daarin samenwerken.
Koudemiddelen maken keuzes complexer
Ook koudemiddelen spelen een steeds grotere rol bij het ontwerpen van klimaatinstallaties.
Welke installatie vandaag technisch uitstekend functioneert, moet ook over tien of vijftien jaar nog onderhouden kunnen worden.
Tegelijkertijd verandert de regelgeving en verschuift de markt steeds verder richting koudemiddelen met een lagere klimaatimpact en natuurlijke koudemiddelen zoals propaan en CO₂.
Maar ook daar bestaat niet één ideale oplossing.
Een natuurlijk koudemiddel kan andere veiligheidseisen stellen aan de locatie, installatie en monteurs. Tegelijkertijd spelen energie-efficiëntie, investeringskosten en beschikbaarheid van geschoold personeel mee.
Daarom moet je bij de keuze voor een installatie verder kijken dan de investering van vandaag.
Wat betekent deze keuze voor de volledige levensduur van het gebouw en de installatie?
Techniek wordt slimmer, maar houd het begrijpelijk
Gebouwen krijgen steeds meer intelligentie.
Energiemanagementsystemen, cloudmonitoring, gebouwbeheersystemen en straks steeds meer toepassingen met algoritmes en AI kunnen installaties automatisch analyseren en bijsturen.
Dat biedt enorme mogelijkheden.
Maar er zit ook een risico aan.
We kunnen systemen zó ingewikkeld maken dat uiteindelijk niemand meer begrijpt waarom een installatie doet wat hij doet.
En dat moeten we voorkomen.
Slimme techniek heeft alleen waarde wanneer deze functioneel, beheersbaar en begrijpelijk blijft voor de mensen die ermee moeten werken.
De techniek verandert. Kennis moet meegroeien
Nieuwe koudemiddelen, hogere drukken, brandbare koudemiddelen, energiemanagement, netcongestie en slimme regeltechniek vragen ook iets van de mensen in onze branche.
Monteurs moeten worden opgeleid. Programmeurs moeten begrijpen hoe een klimaatinstallatie hoort te functioneren. Adviseurs moeten nieuwe technieken kunnen beoordelen. En leveranciers en installateurs moeten hun kennis blijven delen.
Niemand kan alles weten.
Daarom wordt samenwerken steeds belangrijker.
Niet kennis voor jezelf houden, maar verschillende specialismen bij elkaar brengen om uiteindelijk tot een betere oplossing voor de opdrachtgever te komen.
Eerst goed doen wat we nu al kunnen
AI en verdere automatisering gaan de komende jaren ongetwijfeld een grotere rol spelen in gebouwen.
Maar misschien moeten we niet alleen kijken naar wat er straks allemaal mogelijk is.
Er ligt vandaag al een enorme kans.
Goed ontwerpen. Goed installeren. Een duidelijke regelstrategie maken. Werkelijk energieverbruik meten. Installaties monitoren. Data analyseren. En vervolgens blijven optimaliseren.
Want verduurzamen stopt niet bij het plaatsen van een warmtepomp.
Een duurzaam gebouw ontstaat pas wanneer techniek, data én mensen goed met elkaar samenwerken.
Wil je weten welke verduurzamingsmogelijkheden er voor jouw bestaande vastgoed zijn? Neem contact met mij op. Dan kijken we niet alleen naar de techniek, maar vooral naar een oplossing die past bij het gebouw, het gebruik én de toekomst.
